Ik luister de laatste maanden vaak naar een podcast tijdens de treinreis, meestal ergens halverwege de rit waar het hoofd toch weer begint te malen over dingen die op het werk niet helemaal goed gingen. Laatst zat er een aflevering over piekeren tussen, inhoudelijk niet heel nieuw, maar er bleef een zin uit hangen.
De presentator zei dat het brein een gedachte blijft herhalen zolang die niet is afgesloten, en dat opschrijven daar vaak al genoeg voor is, niet om het probleem op te lossen, gewoon om het ergens neer te zetten zodat het hoofd niet blijft doorgaan.
Ik houd al langer dagelijkse aantekeningen bij, maar tot nu toe schreef ik meestal achteraf, ‘s avonds, een soort samenvatting van de dag. Sinds die podcast doe ik het anders, op de trein zelf, gelijk ff een zin opschrijven als er iets blijft hangen, niet meer dan dat.
Ik heb het nu 11 van de 14 werkdagen volgehouden, en wat me opvalt is dat het malen op de rest van de rit wel iets minder wordt. ‘s Avonds bij het huishoudboekje komt het rijtje zorgen trouwens gewoon weer terug, dat is dan weer een ander verhaal.
Wat ik eruit meeneem is dat het niet gaat om lang schrijven, eerder om kort en op tijd, en dat scheelt kennelijk best wat.
